Teamspirit medicijn tegen twijfels

Door David

Ik twijfel de laatste tijd doorlopend. Als ik een gewonnen stelling verlies, zoals afgelopen maandag, ga ik ontdaan en vol twijfels naar huis:  Wat is er met me, dat ik me op 30 zetten goed geconcentreerd naar een prachtige stelling schuif en op zet 31 al het voordeel weggeef door een simpel trucje over het hoofd te zien? Verblinding door overmoed omdat ik de keuze had uit meerdere winnende voortzettingen?
Maar ook als ik win is er genoeg om over te piekeren, zoals zaterdag in de partij tegen de aimabele tegencaptain Emil Voorhout van De Stukkenjagers 6. Het was en scherpe partij, waarin het London-systeem op het bord kwam en de stelling atypisch aan beide kanten helemaal opengebroken was. Gedurende de hele partij was ik er zeker van dat ik de sterkere aanval had. Daar was de computer het in de analyse achteraf helemaal niet mee eens! Emil had zelfs even de kans op een compleet winnende zet. We zagen het beiden niet – en pas daarna sloeg te partij om in mijn voordeel. Twijfels. Wat is er met mijn beoordelingsvermogen? Waarom kies ik voor stellingen die objectief gezien strategisch rammelen als losse stellingbuizen zonder spanband op een oude vrachtauto?
Maar dat is dan het fijne van zo’n teamwedstrijd. Je ziet bij meerderen twijfels, zoals bijvoorbeeld bij Leon: “Ik sta iets beter, maar met nog drie minuten op de klok durfde ik niet door te spelen en voor de winst te gaan”. En bij Tom: “Jammer. Ik stond compleet gewonnen” (was ook zo!). Maar doortastend optreden van teamgenoten – Ton en Ralf behaalden mooie strakke overwinningen – of gewoon het altijd opbeurende optimisme van Johan, die zowaar een remise uit een dramatische stelling sleept, trekken het team erdoor. Fijn, die teamspirit en elkaars twijfels opvangen met het samen knokken voor de overwinning!

Schaakstudie #4 oplossing

Oplossing van schaakstudie #4 van maandag 1 december

Afgelopen maandag een stelling op het demonstratiebord uit het het lopende toernooi London Chess Classic. In de tweede ronde speelde Luke McShane tegen Alireza Firouzja. Luke heeft na 20 zetten een stuk gegeven voor een schim van enige compensatie. Door die loper voorsprong is het geen scherpe probleemstelling: ook als zwart niet de genadeklap vindt, zijn er vele wegen die uiteindelijke naar de winst zullen leiden. Bijvoorbeeld:
32… bxa4 33. Txa4 Pd2 34. Ta3 Lf6 35. Td3 Pe4 zal uiteindelijk heus wel winnen. Maar zoals grootmeesters dat doen: ook in stellingen waarin ze duidelijk beter staan, blijft hun vizier scherp voor het vinden van precies de meest effectieve voortzetting.

In deze stelling speelt Alireza de beste zet 32… Pd2. En na Luke’s antwoord 33. axb4 is na 34. Te1! mat op a1 onvermijdelijk. Paard en loper werken prachtig samen om de koning alle vluchtvelden te ontnemen.

Meerdere clubgenoten dachten dat niet Luke’s zet 33. axb4 maar 33. Pa5 een goed antwoord is na 32… Pd2.

Dat kost echter materiaal (net als alle andere verdedigingen tegen de dreigende mat). De weerlegging: 33… bxa4 34. Ka3 (stelling 2) 33… Lxa5! 35. Txa5 Pc4+!

Dan nog de inventieve maar niet correcte voortzetting die Bent koos: 32… Te1 33. Kb3 Te3!? (stelling 3) met het idee 34. axb5 Pd2+ 35. Ka4 (35. Ka2 gaat weer mat na 35… Te1) Te4+! 36. Ka3 Te1. Wit blijft in deze stelling echter in leven met 37. Pb4 en daarna Pa2.
Er is zelfs nog een betere voortzetting voor wit na 33… Te3 34. Pe7+! Kh7 (na Txe7 krijgt wit zelfs kansen met 35. axb5) 35. Pd5! (stelling 4)


Na dit vorkje moet zwart bijvoorbeeld 35… Pd2+ 36. Ka2 Txh3 spelen. Maar na 37. axb5 Le5 volgt geen mat meer (c3 wordt mogelijk na Th1) en wit houdt z’n vrijpion op de b-lijn om mee te werken.

 

Als je ziet dat er toch nog verschillende ‘bijna goede’ voortzettingen waren, is de precisie van Alireza’s afwikkeling bewonderenswaardig, en geeft het aan hoe snel mindere goden zoals wij een groot voordeel weer deels kunnen laten verdampen met minder nauwkeurig rekenen. 

Progressie

De nieuwe ratinglijst van de KNSB van december 2025 heeft een aantal verrassingen in petto voor De Kentering. De progressie van afgelopen jaar vertaalt zich in drie hoogtepunten.
1. De Kentering heeft 29 ratinghouders
Nu Lorenzo Montin en Jan de Leeuw de vereiste vijf externe partijen hebben gespeeld, hebben zij nu ook een officiële KNSB rating. Jan komt binnen met een rating van 1628 en Lorenzo met 1298.
2. Onze club had nog nooit een speler in de gelederen met een rating boven 2100
Bent is die bijzondere grens overgestoken en heeft een rating van 2111. Daarmee is hij nummer 739 van Nederland!
3. De Kentering had nog nooit in de clubgeschiedenis 12 spelers met een rating boven 1800.
Nu Mike Adriaanse weer is teruggekeerd in de 1800 met een rating van 1806 is het aantal clubspelers met 1800+ groter dan het ooit was, een bevestiging van de toenemende speelsterkte van onze club.

Dat het boeken van progressie niet alleen voorbehouden is aan de jonge clubgenoten bewijst Piet van Eijndhoven die de grootste ratingstijging boekt op de nieuwe ratinglijst: met +43 naar 1977

Waar al die positieve energie en vechtlust van onze teams al niet toe kunnen leiden!

Alle rating info is terug te vinden op KNSB-ratingviewer
Maandelijks is de nieuwe ratinglijst terug te vinden op onze webpagina KNSB rating

OSV 2-De Kentering 1 4,5-3,5

Door David
Vol goede moed en dromen over het vasthouden van de eerste plaats in de poule togen we zaterdag op pad naar OSV 2. Alle kans ook: wij stonden na 2 ronden bovenaan, zij onderaan. maar soms zit het tegen… en voor hen mee..  Na twee uur spelen stonden we met 0,5 – 1,5 achter na een snel verlies van Tom – iets met een toren weggegeven – en een remise van Leon. Alle borden overziend stond het niet lekker. Piet en Ton stonden goed, mijn stelling kon nog alle kanten op maar Ralf en Johan stonden duidelijk minder. Nico had niet meer dan remise in een iets minder actieve stand. Hij kreeg een remiseaanbod en overlegde of hij het zou aannemen. “Je mag het zelf bepalen, maar we staan achter”, was mijn wellicht wat onduidelijke boodschap. Nico besloot door te spelen. Zijn tegenstander bleef actief spelen en op een gegeven moment stond deze stelling op het bord (Nico zat naast me dus alleen deze partij heb ik wat beter kunnen volgen).
Ik vroeg Nico na afloop waarom hij hier geen Pc3 speelde om van dat sterke zwarte paard af te komen. Zijn terechte inschatting: “Dan komt zwart na 1… Kc6, 2. Pxd5 exd5 beter te staan met die vrije d-pion, daarom speelde ik dat niet.” Goed geredeneerd geeft ook de computer aan: Wit krijgt geen kansen op de koningsvleugel, maar zwart wel in het centrum en op de damevleugel. na 1. Pc3, Kc6 heeft wit niets beters dan 2. Pe4 terug. Vanwege de dreiging Pg5 moet de koning dan terug (of 2. f5 spelen, maar ook dan heeft wit genoeg tegenspel.) Nico speelde 1. b4. Ook goed, maar greep daarna, na 1… Ta1, mis (als ik het goed gezien heb) met 2. Pc5? (stelling 2)
Met 2. Td3 was het binnen remisemarges gebleven. Pc5 kostte echter een pion en de partij: 2…. Kc6 3. Pxa6 3. Txa3 4. Pc5 Pxb4 5. Pe4 Pd4 en zwart stond een vrijpion voor en won de partij. In de stelling was na 2.. Kc6 3. Td3 niet meer mogelijk vanwege de dreiging 3… Ta2 4. Pxa6 Txg2!!. Als wit zich hiertegen verdedigt met bijvoorbeeld 4. Tb3 volgt a5 en uiteindelijk pionverlies. Kortom, een stelling waarin wit makkelijk misgrijpt. Hadden we die remise maar genomen… Ton won zijn partij, maar Johan en en Ralf misten ook kansen op remise en plotseling stonden we met 4,5 -1,5 achter. De resultaten van Piet en mij deden er helaas voor de matchpunten niet meer toe, maar die partijen wisten we nog wel te winnen. De mat in mijn partij was overigens wel fraai. Onderstaand de analyse van deze wilde partij.

Volgende ronden maar weer terugvechten naar de koppositie in onze poule. Het kan nog steeds!

Schaakstudie #3 oplossing

Oplossing van schaakstudie #3 van maandag 17 november

Gisteravond stond een stelling op het demonstratiebord op de clubavond van de Letse probleemcomponist Jānis Bētiņš, ook bekend als Johann Behting. Hij leefde van 1856 tot 1946.
Bētiņš plaatste deze studie in 1893 in het Dagblad van Riga.
De bedoeling was deze ‘live’ op te lossen; onderling overleg toegestaan!

Zij bleek wat aan de moeilijke kant. In ieder geval te tijdrovend om ‘even’ op te lossen. Niet veel ingeleverde oplossingen daarom. Het best uitgewerkt was de poging tot een oplossing van Olaf. Zijn denkwerk ging echter niet in de juiste richting: 1. Th1 Kb2 2. Ta1!? Niet verwonderlijk na de Schaakstudie #1 op deze website, dat meerdere schakers deze kant op dachten.
Zwart kan deze toren echter gewoon slaan en remise houden: 2… Kxa1 3. Kc2! d5!! Nemen betekent pat, dus 
4. c6 d4 5. c7 d3+
Tot zover had Olaf de variant op papier, maar hij zag na 6. Kxc3 de weerlegging 6… Kb1 niet.

Welke pion wit ook slaat, zwart maakt na Kb1 spelen remise.


Enkele clubleden ontdekten dat er een andere spectaculaire zet in de stelling zat: Kc3! Dat zit wel op het juiste spoor.

Het is een mooie, maar toch onjuiste zet. na 1. Kxc3 a1D+ is na 2. Kb3 de koning onaantastbaar op b3! Er zou nu 3. Th1 mat volgen als zwart niet de winnende zet 2…Da8! heeft. Th1 is nu niet mogelijk en met de schaakjes op d5, f3, b8 of g8 die nu gaan volgen komt zwart in een winnende positie.
Deze afwikkeling maakt ook duidelijk wat dus wel de winnende zet is (Stelling2)
1. c6!! het blokkeert die diagonaal a8-h1.
Na 1… dxc6 volgt de matcombinatie die we al bespraken: 2. Kxc3 a1D 3. Kb3 en wit wint door mat of damewinst.
Zonder een hint van mij kreeg niemand deze variant gevonden, en ook niet de volgende:
Zwart hoeft het wit namelijk niet zo makkelijk te maken met 2… dxc6. Na 1. c6 is ook 1.. c2 mogelijk. Na 2. Txc2 houdt wit het maar net remise (na zowel 2… a1D 3. c7, als na 2… dxc6 Txa2).
Maar wit wint ook in deze stelling na 2. Th1+ c1D 3. Txc1 Kxc1 4. c7! a1D 5. c8D+. (Stelling 3)
Op 5… Kd1 volgt natuurlijk Dc2+ en De2 mat
De koning moet dus naar 5.. Kb2 en de dame zigzagt met schaakjes naar b4. De koning kan niet ontsnappen uit de hoek want na 6. Db7 Ka3 7. Da6+ Kb4 valt de zwarte dame.

Er volgt dus
6. Db7+ Kc1 7. Dc7+ Kb2 8. Db6+ Kc1 9. Dc5+ Kb2 10. Db4+ Kc1 (Stelling 4)


En nu volgt de mooie mat:
11. Dd2+ Kb1 12. Dc2 mat

Geen goede oplossingen (zonder hint) deze keer dus, maar wel een gezellig gepuzzel voor het bord. We herhalen deze formule dus nog wel weer een keer, met een wellicht iets minder complexe schaakstudie.