Door Eduard
Nieuwe competitie, nieuwe kansen! Vorig jaar was onze eerste wedstrijd ook al tegen OSV 3 uit Oss en toen kwam ons team De Kentering 2, niet verder dan 4-4. Maar dit jaar hing er dankzij een veel sterker team, een mooie overwinning in de lucht. Iedereen was mooi op tijd in wijkgebouw Schadewijk.
Opmerkelijke naamgeving trouwens. Voorheen zal het ooit beter zijn geweest, maar nu kan een blind paard in deze wijk geen schade meer doen. Dat zag ik toen ik op de fiets – helemaal uit Rosmalen, maar wel elektrisch – de laatste straten naar de schaaklocatie aflegde. Ik moest heel even denken aan het lied “Woningnood” (1965) van Boudewijn de Groot, met de tekst “De wijk wordt gesaneerd en de huizen moeten plat. En de mensen staan te kijken en ze zeggen: “Zie je dat”. In die ouwe afbraakwoning woont toch nog een heel gezin. Stel je voor, zo’n vochtig huis, nou ja, wat zien ze daar nu in”. Alleen die laatste zin klopte niet, want het was deze zaterdag alweer mooi weer, terwijl schaken een prima binnensport is die goed gepaard gaat met guur herfstweer. Geen vochtige huizen dus, en ook geen blinde paarden, althans niet op het bord van De Kentering 2.
De victorie begon op bord 6 bij Hans van Eijk, die naar eigen zeggen een partij uit het boekje speelde. Welk boekje zei er niet bij, maar ik zou als ik hem was, het altijd bij de hand houden. Zijn zwarte stukken dwongen wit tot tempoverlies. Vervolgens kwam de schitterende paardzet Pc3 (alweer naar eigen zeggen) met tegelijkertijd schaakdreiging en aanval op de dame. In principe zou wit dit nog kunnen pareren, maar vanwege gebrek aan overzicht werd het van kwaad tot erger. Stukverlies, dubbelpion, einde oefening: 0-1.
Zelf had ik het op het 8e bord ook niet al te moeilijk. Maar juist dan is het opletten geblazen. Overmoed kan soms je grootste vijand zijn. De opening was bekend terrein: Russisch. Ik won de witte e-pion als opmaat van een aanval op de koningsvleugel. Toen ik daar nog een tweede pion cadeau kreeg, kwam de aanvalsmachine pas goed op gang, werd de druk steeds groter en de tegenstand steeds minder. Lekker spelen zo, en deze keer ook nog eens genoeg tijd om de andere borden in de gaten te houden: 0-2.
Al snel volgden er twee remises.
Op het bord 1 speelde een Ossenaar die er duidelijk geen zin in had. Al na zeven zetten bood hij remise aan! Naar horen zeggen vond hij zich te goed voor OSV3. Edwin liet zich hierdoor niet van de wijs brengen, speelde nog wel even enthousiast door vanwege verondersteld initiatief, maar ging uiteindelijk toch met remise akkoord toen het voor derde keer werd aangeboden. Als ik het goed heb begrepen was veld e4 cruciaal als draaipunt voor zijn paard. Zoiets als een carrousel dus: ½ – 2½.
Wilbert van Eijk op bord knalde er met wit op bord 3 meteen in. Heel snel ontstond er heel veel ruimte, met lange open lijnen op het bord. Een vluchtige blik deed vermoeden dat Wilbert wel zou winnen, maar dat was wensdenken. Zwart verdedigde zich best goed, en toen de kruitdampen waren opgetrokken stond er een eindspel met ongelijke lopers op het bord. Het recept voor remise en aldus werd ook besloten: 1-3.
Daarna verhoogde Tom Fürstenberg op bord 2 de stand verder. Hij veegde eerst de witte koningsvleugel schoon waarna de vijandelijke koning begon te zwerven richting noodlot. Het vonnis werd voltrokken door een oppermachtige toren die de dame aanviel die verstopt zat achter de koning. Mooi gedaan Tom! 1-4. Toen was het 15.30 uur.
Martijn Visser was op bord 7 de matchwinnaar want hij bracht de stand op 1-5. Materieel was het gelijk, maar zijn twee lopers plus dame brachten aan de ene kant van het bord een mataanval tot een welverdiend eind, waar de stukken van de tegenstander aan de andere kant van het bord alleen maar – met terechte bewondering – konden toezien. Wat kan schaken toch mooi zijn!
Jan de Leeuw, bord 4, beschikte op de 33e zet over twee paarden tegen een toren + pion in een gecompliceerde stelling. Om de winst binnen te halen bood hij remise aan, maar voor zijn tegenstander (tevens teamleider) kwam dat echt te vroeg. Doorspelen dus! Jan verspeelde zijn minieme voordeel vervolgens weer en zwoegde verder totdat beide spelers er tabak van hadden. Met als pluspunt dat Jan zijn ongeslagen status behield: 1½ – 5½.
Johan tot slot wilde op bord 5 per se winnen en deed dat ook. Uiteindelijk kunnen straks ook de bordpunten doorslaggevend zijn.
Dit is de stand na Te2, Pf3. Omstanders meenden dat Dd1 tot mat zou leiden, maar Johan’s tegenstander liet zich niet verleiden tot onbezonnen waaghalzerij. De zet Te1 pareert immers al het gevaar. Het paard vertrok vervolgens naar d4 waarna Johan prima Td2 speelde. Volgens de ‘’engine” had het nu iets sneller afgelopen kunnen zijn dan wat er in werkelijkheid gebeurde, maar even zo goed gingen we vroeg in de namiddag voldaan naar huis met een eindstand 1½ – 6½ op zak.
Op naar HMC in ronde 2! 
Complimenten voor de fraaie zege en het leuk geschreven verslag!